Dit wil ik even kwijt

Een overweging op 13 augustus 2017

Op deze lichtbewolkte zondagmorgen in Rotterdam, zit ik op mijn balkon en geniet van mijn koffie. En van de geluiden van de ontwakende stad.
Zo nu en dan passeert een auto. De bevoorradingsvrachtauto van de grootgrutter met de rode kleur en de witte letter D wordt uitgeladen door jongens die hiermee hun geld verdienen. Zodat de klant, ook op zondag, weer met volle boodschappentassen naar huis kan gaan. De Hildegardiskerk in het Oude Noorden roept met klokkenluiden haar kerkgangers op voor de dienst van tien uur. Langzaam wordt de lucht steeds grijzer met nog maar een enkel blauw plekje. Ik ben in een contemplatieve stemming, nog nadenkend over de oorlogstaal van twee kleuters in een volwassen lichaam en met de macht over massavernietigingswapens. Over de strijd gisteren in Charlottesville tussen ‘White Supramicy’-aanhangers en hun tegenstanders waarbij grof geweld wordt ingezet.
Dichter bij huis hebben we nog steeds geen regering. Nu wel twee breedlachende heren die hun lege boodschappen aan de verzamelde pers slijten.
De taxi’s voor de mindervalide bewoners van Humanitas rijden af en aan om hun klanten naar diverse bestemmingen te brengen.
De Vlaamse gaai die sinds een paar weken ook in Rotterdam-Noord verblijft, vliegt langs en zijn mooie verentooi licht op in de grijze lucht. Dit
kleine cadeau geeft weer kleur aan deze zondagmorgen in Rotterdam.
De weekendkranten liggen klaar. Nog even genieten van de rust op mijn balkon en van de, nu nog, schone straten.